Leegte

De oneindige leegte grijpt me bij de nek en laat mijn ademhaling haperen. Als een vastgeroeste machine sputter ik het moeizaam uit. Er lijkt geen einde te komen aan dit doolhof van trappen en liften. Het is een fabriek des onheils, maar ik ben inmiddels te ver gekomen om weer terug te keren. De machinist verschuilt zich hier ergens en met iedere afdaling komt hij dichterbij. Ik voel het, en ergens nerveus verscholen zal hij mij ook voelen aankomen. Hij kan zich niet voor altijd blijven verstoppen. De angsthaas durft me niet eens onder ogen te zien in dit stalen paleis van hem. De balans is verdwenen, en mijn doel is dit allemaal weer recht te zetten.

Ik schrik wakker en mijn hart gaat tekeer. Mijn horloge geeft me een trilling om mij duidelijk te maken dat mijn hartslag is verhoogd. Bedankt, zover was ik inmiddels ook wel. Geïrriteerd veeg ik het bericht op mijn horloge weg als een mug die langs mijn oor vliegt. Verbaasd kijk ik om me heen, alsof de realiteit een droom is. Zo blijf ik liggen, terwijl ik even verbaasd voor me uit kijk en met mijn ogen knipper. Ik heb blijkbaar het licht laten branden terwijl ik in slaap viel. Gelukkig worden ledlampen niet zo warm. Ik moet echt ontzettend moe zijn geweest om zo in slaap te vallen. Soms gaan de dagen voorbij alsof het een simulatie is. Maar soms lijken dagen mij in te halen, zoals nu. Wanneer dromen en de realiteit gaan vervloeien.

Ik ben moe wanneer ik niet moe hoor te zijn. En zodra ik naar bed wil gaan, blijft mijn lichaam aan staan. Ik denk terug aan wat mijn moeder vroeger altijd zei. ‘Zolang je maar in bed ligt, krijgt je lichaam rust; de slaap komt daarna vanzelf wel’. Een trucje om mij in ieder geval in bed te houden. Uiteindelijk klom ik er toch weer stiekem uit om van alles en nog wat te gaan doen. Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik te weinig tijd had om alles te kunnen doen in een dag. Want in de avond kwam ik weer tot leven, en dat is eigenlijk nog steeds zo. In de avond en nacht komt er het meeste uit. Dus waarom zou ik niet wakker blijven?

Overdag heb ik geprobeerd wat te maken, want door creatief bezig te zijn kom ik een beetje tot rust. Maar zelfs met een hele dag indrukken van een pretpark kon ik niets verzinnen om te creëren. Er kwam geen zinnetje uit om een verhaal van te maken. Maar nu mijn hoofd mijn kussen raakt, komt er een heel verhaal uit rollen. En dus schrijf ik het maar weer allemaal op. Zoals ik vroeger stilletjes de deur opendeed naar de woonkamer om aan mijn ouders te verklaren dat ik niet kon slapen. Zo gaat er af en toe ook een deurtje in mijn hoofd open rond hetzelfde tijdstip. Reflecties van een donkere poel in een wereld van binnen. Een deel van me zou het graag anders willen, maar je kan niet kiezen op wie je verliefd wordt. En mijn hart heeft lang geleden gekozen voor de nacht. En dus leef ik daarin het meeste.